Cursussen Astrologie
Up

 

Home
Inleiding
Eerste gegevens
De dierenriem
Elementen
Planeten
Kwantiteit
Kwaliteit
Systematiek
Heren

Kwantiteit bepaling van de planeten

De Zon en de Maan werden heerser van 1 teken, terwijl de rest van de planeten heersers werden van 2 tekens. We gaan uit van de 7 antieke planeten, de wet van zeven.

Zit hier nou een willekeur in of niet, uit onderstaand tabelletje blijkt van niet.

Als we de Zodiak laten beginnen bij het teken Leeuw en de Maan in het teken ervoor, waarna we de 5 tekens links en de 5 tekens rechts ervan nemen, dan krijg je een verdeling, zoals in het tweede gedeelte van de tabel.

 

d

o

     

Aarde 1.000

 
 

e

m

 

e

d

Gem. afstand

tot de Zon

c

f

p

 

f

c

0.3871

p

b

g

r

 

g

b

0.7233

r

a

h

6

 

h

a

1.5237

6

i

l

8

 

i

l

5.2026

8

j

k

7

 

j

k

9.5548

7

We zien nu de verdeling van de planeten over de tekens en dat er uitgegaan werd van de tekens: e en d

Ook werd er rekening gehouden met de gemiddelde astronomische afstand van de planeten tot de Zon, wat ik wel erg verrassend vind.

Misschien stamt dit al van 10.500 jaar voor Christus, want toen was het rijzend teken het sterrenbeeld Leeuw, maar deze discussie hoort zeker niet in de techniek thuis.

Hierbij de waarde tabel van de planeten in de diverse tekens, welke door Gorter werd gehanteerd. Gorter nam aan dat Pluto de heer van Ram is. We gaan hier niet in op de vraag of Pluto heer van Ram of Schorpioen is.

Wij gaan er van uit dat Pluto heer van Schorpioen is, waarbij het duidelijk mag zijn dat deze planeet, gezien zijn aard, verhoogd moet staan in het sterrenbeeld Ram.

     

m

o

p

r

6

8

7

=

-

x

a

Vuur

Hoofd

+4

0

0

-5

+5

+1

-4

0

0

+4

b

Aarde

Vast

0

+4

+3

+5

-5

0

+2

-4

0

-5

c

Lucht

Beweeglijk

0

0

+5

+2

0

-5

+3

+1

0

0

d

Water

Hoofd

0

+5

0

0

-4

+4

-5

0

+4

+4

e

Vuur

Vast

+5

0

0

0

+2

+1

-5

-5

0

0

f

Aarde

Beweeglijk

0

0

+5

-4

0

-5

+2

0

-5

-4

g

Lucht

Hoofd

-4

0

+1

+5

-5

0

+4

+1

0

0

h

Water

Vast

0

-4

0

-5

+5

+3

0

+4

+3

+5

i

Vuur

Beweeglijk

+3

0

-5

0

+2

+5

0

0

0

0

j

Aarde

Hoofd

0

-5

+3

+1

+4

-4

+5

0

-4

-4

k

Lucht

Vast

-5

0

+1

+2

0

0

+5

+5

0

0

l

Water

Beweeglijk

0

+2

-4

+4

+1

+5

0

0

+5

+3

 

In eigen teken

+5

In verhoging

+4

Dagheer van de drievuldigheid

+3

Nachtheer van de drievuldigheid

+2

Deelhebber van drievuldigheid

+1

Perigrin of vreemd (neutraal)

0

In val

-4

Zwak (vernietiging)

-5

Planeten staan sterk in hun eigen teken en zwak in het tegenovergestelde teken, zwak wordt ook wel in vernietiging of in exil genoemd, op deze plaatsen kan de planeet nooit zijn goede en sterke werking vertonen.

 

 

Sterk

         

Zwak

     

6

a

+5

r

g

+5

6

g

-5

r

a

-5

r

b

+5

6

h

+5

 

r

h

-5

6

b

-5

p

c

+5

8

i

+5

 

p

i

-5

8

c

-5

o

d

+5

7

j

+5

 

o

j

-5

7

d

-5

m

e

+5

7

k

+5

 

m

k

-5

7

e

-5

p

f

+5

8

l

+5

 

p

l

-5

8

f

-5

Je moet hier niet uit lezen dat zijn werking verzwakt is, maar de energie van die de planeet kan hier nooit zijn optimale werking laten zien integendeel, die energie is door de lens van het betreffende sterrenbeeld verstoord.

Tussen de beide uitersten, sterk en zwak, zitten een aantal tussen vormen. Hierbij gaan we uit van de driehoeken, vroeger de drievuldigheden genoemd.

Een planeet kan in een teken van zijn eigen element staan, dit noemen we verhoogd en wordt aangegeven met de waarde +4.

De tekens die hier tegenover staan beelden dan de plaats uit waar ze minder gunstig staan, hier staan de planeten in hun val, de waarde hiervoor is -4.

Staat een planeet in twee tekens van dezelfde driehoek respectievelijk +5 en +4 dus beheerst hij een der drie tekens, terwijl hij in het tweede teken in verhoging staat, dan heeft die planeet in het derde overblijvende teken van de driehoek de waarde +3.

Echter staat een planeet in zijn eigen teken +5 en dit teken is een hoofd teken, dan hebben de beide andere tekens van dezelfde driehoek een waarde +2.

Blijft nog over de mogelijkheid, deelhebber van de driehoek, waarde +1.

De rest is 0, de toestand van de planeet in dat geval is neutraal.

Er zijn een paar uitzonderingen, bijvoorbeeld de Maan in Stier, Mars in Steenbok, Jupiter in Kreeft, Venus in Vissen en we hebben hier argeloos Pluto in Ram aan toegevoegd.

In de Tetra Bilblos van Claudius Ptolemeus is te vinden wat de grondslag van deze uitzonderingen is. De groei van Jupiter komt natuurlijk uitstekend tot zijn recht in de Kreeft, welke de Maan als heerser heeft. De doelbewustheid en de werkkracht van Steenbok kan goed richting geven aan de tomeloze energie van Mars etc.

Laten we goed opletten, dat we deze begrippen niet ruimer of anders maken zonder een goede grondslag.

Er zijn een hoop verschillende waarde bepalingen voor de planeet krachten. Gorter heeft aan deze krachten de waarden tussen +5 en -5 gegeven.

De tabel welke wij gaan gebruiken geeft exact dezelfde waarden aan als die van Gorter, echter uitgedrukt in getallen tussen 0 en 100, wij werken in deze tijd nou eenmaal makkelijker met het decimale stelsel.

 

Huis

Teken

m

o

p

r

6

8

7

=

-

x

1

a

90

50

50

0

100

60

10

50

50

90

2

b

50

90

80

100

0

50

70

10

50

0

3

c

50

50

100

80

50

0

80

60

50

50

4

d

50

100

50

50

10

90

0

50

90

90

5

e

100

50

50

50

70

60

0

0

50

50

6

f

50

50

100

10

50

0

70

50

0

10

7

g

10

50

60

100

0

50

90

60

50

50

8

h

50

10

50

0

100

80

50

90

80

100

9

i

80

50

0

50

70

100

50

50

50

50

10

j

50

0

80

60

90

10

100

50

10

10

11

k

0

50

60

70

50

50

100

100

50

50

12

l

50

70

10

90

60

100

50

50

100

80

Hiermee kunnen we nu de verhouding tussen de tekens (Aanleg) en huizen (Omstandigheden) zien.

Wat hebben we aan vermogens in aanleg (tekens) en wat zijn de krachten van de omstandigheden (huizen), waarin we deze aanleg kunnen ontplooien.

In de telling gaan we alleen uit van de zeven persoonlijke (antieke) planeten.

We zoeken wel de waarden op van de drie collectieve planeten, om snel te weten of ze sterk, zwak, verhoogd of in val staan, maar tellen ze niet mee in het eindgetal.

Kwantiteit van onze voorbeeld horoscoop

m

o

p

r

6

8

7

=

-

x

Totaal

Aanleg

50

100

80

70

70

80

10

50

90

50

460

Omstandigheden

50

50

100

50

0

60

90

60

50

50

400

Bij een zwakke aanleg met sterke omstandigheden is er kans op misbruik.
Bij een sterke aanleg en zwakke omstandigheden is er weinig kans op uiting.
Bij een sterke aanleg en sterke omstandigheden ontstaat er iets geniaal.
Bij een zwakke aanleg en zwakke omstandigheden is onbegrip het resultaat.

Deze cijfers geven natuurlijk een globale indruk.

Daar we maximaal 700 in aanleg en 700 in kracht kunnen krijgen, omdat we alleen de 7 antieke planeet krachten gebruiken, lijkt het logisch, dat een sterke aanleg boven het gemiddelde van 350 moet liggen en zwak er onder.